Advent en Kerstmis

 

Advent – betekenis

Elke week een lichtje meer.

Vertel dat christenen uitkijken naar de geboorte van Jezus. Omdat Jezus licht en vrede brengt, steken christenen elke week een kaarsje meer aan.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Hoe kunnen jullie in deze periode een licht zijn voor andere mensen?

·         Wie alleen is?

·         Wie arm is (niet genoeg centen heeft om eten of verwarming te kopen, wie op straat moet leven)?

·         Wie ziek is?

·         Wie oud is?

·         Wie droevig is?

(al deze mensen zitten ‘in het donker’, in een donkere situatie; in ieder geval niet in ‘het licht’)

 

 

30 november: Eerste zondag Advent - Thuis zijn

  

Maria is een jong meisje. Ze is vijftien jaar. Ze woont gezellig thuis bij haar vader Joachim en haar moeder Anna in Nazaret. Daar heeft ze een lekker bed, met een eigen nachtkaarsje, en een lekkere schapenwollen deken voor in koude nachten. Soms kookt ze samen met haar moeder voor het hele gezin of ze veegt de vloer zodat hun huisje er opgeruimd uit ziet. Als ze klaar zijn met alle klusjes zitten Maria en Anna vaak voor het huis en kletsen met de buren of met elkaar. Anna weet veel van de Bijbel en Maria hoort haar verhalen graag. Maar de laatste tijd hebben ze een ander onderwerp om over te praten. Maria is namelijk verloofd. Dat betekent dat haar familie en de familie van een man hebben afgesproken dat ze snel zullen gaan trouwen. Maria kent Jozef, de man met wie ze gaat trouwen al een beetje en ze heeft er wel zin in. Maar ze heeft ook nog veel vragen aan haar moeder. Want als ze trouwt gaat ze bij Jozef wonen en dan moet ze zelf alles regelen in hun huisje. Dan kan ze haar moeder niet meer zomaar wat vragen. Daarom vraagt ze haar nu de oren van het hoofd. Ze wil weten hoeveel zout er in het brood moet dat ze elke dag zal gaan bakken. Ze vraagt hoe ze kan controleren dat een vis vers genoeg is om veilig te eten. En wat moet je eigenlijk doen als iets niet schoon wordt in de was? Uren zitten Anna en Maria te praten. En Maria krijgt steeds meer zin om te trouwen met Jozef.

 

Gebedje

Goede God,

Wij willen U danken voor ons gezellige thuis.

Er staat een gedekte tafel, er is een warm bed

en bovenal zijn er mensen die van ons huis een thuis maken.

Ook wijzelf dragen ons steentje bij

als wij samen spelen en helpen als dat gevraagd wordt.

Help ons om zuinig te zijn op de goede sfeer.

Amen

 

Knutsel een ster

Druk de werktekening met de vorm van de ster hieronder af.

Neem op de afdruk de lijnen over, zoals in foto 2, steeds van een punt door het midden naar de overkant.

Knip de ster uit, en vouw de punten tot het midden, waarbij de lijn de vouwlijn is.

Versier de ster zoals je zelf mooi vindt, met stickers, tekeningetjes of glitters.

Hang de ster voor je raam. Hij mag blijven hangen tot Driekoningen.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

7 december: Tweede zondag Advent - Een thuis maken.

 

Op een dag, als Anna water halen is bij de put midden in het dorp, krijgt Maria bezoek van iemand die ze niet kent. Toch voelt de bezoeker heel vertrouwd. Ze vindt het eigenlijk wel fijn dat hij er is. “Dag Maria,” zegt de bezoeker, “ik kom met een boodschap van God. Jij zult een heel bijzonder kindje krijgen. Een jongetje. En als dat jongetje geboren is, moet je Hem Jezus noemen.” “Maar dat kan helemaal niet," zegt Maria heel verbaasd. “Voor een kindje heb je een vader en een moeder nodig. Ik ben nog niet getrouwd.” “Dat klopt”, zegt de boodschapper, “God heeft dit zo geregeld. Je zult een kindje van de Heilige Geest krijgen.” Maria knikt en zegt dan: “Wat God wil, dat is goed.” “Je nicht Elisabeth krijgt ook een kindje,” gaat de boodschapper verder. “Ze is al oud, maar God heeft dit toch geregeld.” Dan weet Maria meteen wat ze moet doen. Ze zal naar Elisabeth gaan en haar helpen. Maar ze zal ook met haar praten over het krijgen van kinderen en hoe je een goed thuis maakt voor een kindje. Twee weten er meer dan één. Maar liefst drie maanden gaat Maria logeren bij Elisabeth. Het is een goede tijd samen. Ze begrijpen elkaar bijna vanzelf en geven elkaar tips over babybedjes en rugpijn, over borstvoeding geven en het maken van een lekkere draagzak voor de kleine. Als Maria terugkomt in Nazareth weet ze precies wat ze moet doen om het kindje goed te ontvangen.

 

Gebedje

 

Grote God,
Het is deze dagen donker en nat buiten.
We zitten liever binnen, lekker warm.
Daar maken we het gezellig met kaarsjes en lichtjes,
dennengroen en rode besjes,
speculaas en chocomel.
We nodigen vrienden en familie aan tafel
en kijken samen uit naar het licht dat weer zal komen.
Amen

 

Samen praten over een thuis maken

 

Iedereen is op een andere plek thuis. Sommige huizen zijn heel anders dan je eigen thuis, bijvoorbeeld als er mensen wonen die een heel andere cultuur hebben. Wat maakt dat die andere mensen zich daar thuis voelen en dat jij een beetje moet wennen?
Ben je zelf wel eens van (t)huis veranderd? Of misschien heb je twee huizen die je als thuis beschouwt, als je soms bij je ene ouder, en soms bij je andere ouder woont bijvoorbeeld?

Belangrijk is dat je je goed voelt, dat je 'bij jezelf thuis bent'. Hoe doe je dat? Wat is voor jou echt belangrijk?

Tip: Weet je dat je lievelingsmuziek je daarbij kan helpen? Ga je logeren? Lievelingsmuziek mee!

 

Stel de kinderen voor een tekening te maken van de dingen die hen helpen om ergens anders toch thuis te zijn.

Het mag ook een geschreven lijstje zijn.

 

Een thuis begint vaak met een plekje voor jezelf. Een plek waar je rustig kan zitten. Waar je kan ontspannen. Waar jij je veilig voelt.

Die plek kan van alles zijn:

 

 Nog een verhaaltje: over wachten

 

 Waar wacht je op?

– Hoelang duurt het nog? Vraagt Jakob aan mama.

- Nog een hele week! Antwoordt mama.

- Zoooo lang! Bah, ik haat dat wachten! gromt Jakob

Volgende week komt Daan logeren. Daan is Jacobs beste vriend. Samen hebben ze heel wat lol beleefd. Jakob wou dat hij er nu al was. Droevig staart Jakob uit het raam...

- Zit toch niet zo te mokken! Denk al eens na over wat jullie allemaal zullen doen, zegt mama ineens.

- Dat is een goed idee! zegt Jakob en hij loopt naar zijn kamer. Op zijn kamertje denkt Jakob hard na. Wat zullen Daan en hij allemaal doen? Knutselen, zwemmen, kaarten ... en nog veel mee.

Plotseling weet hij het! Hij zal zijn tent in de speelkamer opzetten. Daar kunnen ze in spelen. Vol goede moed gaat Jakob aan de slag ...

Als Daan aankomt, laat Jakob de tent zien. Aan de ingang hangt een bordje met ‘Welkom Daan!’ op.

Daan vindt het geweldig. Wat is het leuk zo ontvangen te worden.

 

(J DEMEYERE in Zonnestraal 2003, nr 14, p. 9)

 

Suggesties Bespreking

- Heb je ook al meegemaakt dat op iets wachten heel lang kan duren?

- Heb je ook al eens meegemaakt dat de tijd van wachten op iets een tijd werd van voorbereiden (b.v. eerste communie)?

- Hoe kunnen we ons goed voorbereiden op de komst van Jezus?

 

 

 

14 december: Derde zondag Advent - Weg van thuis

 

Na drie maanden komt Maria weer terug naar huis. Jozef is inmiddels gewend aan het vreemde idee dat zij een kindje krijgt van de Heilige Geest. Daar heeft hij wel wat nachten van wakker gelegen. Maar dan gebeurt er iets dat ze nooit hadden verwacht.

De keizer uit Rome wil dat de mensen zich laten tellen. Dan weet de keizer op hoeveel belasting hij kan rekenen. Om ervoor te zorgen dat iedereen netjes één keer geteld wordt, niet meer maar zeker ook niet minder, moet iedereen naar de plaats waar hij vandaan komt.

Voor Jozef betekent dat dat hij naar Betlehem moet. Van Nazaret naar Betlehem is zeker drie dagen lopen. Jozef kan dat wel. Maar voor Maria is dat heel ver. Haar buik is inmiddels groot en zwaar en ze voelt dat het niet lang meer zal duren voordat het kindje geboren zal worden.

Maar ze hebben geen keus. Maria is inmiddels de vrouw van Jozef en ze moet gewoon mee. Dat wordt een lange zware tocht. Hopelijk wordt het kindje niet ergens aan de kant van de weg geboren….

Ondertussen, ver van Nazaret vandaan, turen een paar sterrenkijkers naar de hemel. Ze zijn opgewonden. Aan de hemel staat namelijk een ster die zij niet kennen. Een heel grote ster. Een ster die lijkt te bewegen. Dat moet iets betekenen. Ze zoeken hun boeken na en ontdekken dat de ster hen vertelt dat er een koning geboren zal worden. Daar willen ze meer van weten. Ze zadelen hun kamelen en nemen wat cadeautjes mee die ze passend vinden voor een koning. Ze reizen de ster achterna. Dagenlang zijn ze onderweg. Ze komen in streken die ze helemaal niet kennen. Het is beslist geen gemakkelijke tocht. Maar ze blijven hun oog gericht houden op de ster die hen wel lijkt mee te lokken. Waar zouden ze terecht komen?

 

Gebedje

God van overal,

onze nicht/neef, buurjongen/meisje is op wereldreis.

Een jaar lang trekt hij zij rond in landen ver van hier.

Dat is leuk, maar ook een beetje spannend, zeker voor de achterblijvers.

Daarom bidden we voor de wereldreiziger en voor zijn/haar familie en vrienden dat ze elkaar straks weer heelhuids in de armen mogen sluiten. Amen.

 

God van alle mensen,

We horen elke dag opnieuw over oorlog en aanvallen op onschuldige mensen die niets liever zouden willen dan rustig samen leven.

Soms moeten mensen vluchten.

Zij hopen dat ze ergens anders welkom zijn om er een tijd veilig te wonen en verder te kunnen met hun leven.

Wij bidden dat er plek voor hen gemaakt kan worden.

 

 

Collage maken

In tijdschriften en kranten is genoeg te vinden over mensen die hun thuis moeten verlaten, omdat ze moeten vluchten voor de oorlog of door natuurgeweld. Kijk eens naar de bagage die de mensen bij zich hebben. Vaak zo weinig dat het in één grote tas past.

Knip de afbeeldingen of onderdelen ervan uit, en maak er een collage van.

 

voorbeeld

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

21 december vierde zondag Advent: Een thuis voor de Heer

 

 Jozef en Maria zijn veilig aangekomen in Betlehem. Dat is een hele opluchting. Nu nog op zoek naar een plekje om de nacht door te brengen. Dat zal nog niet zo makkelijk zijn, want er zijn veel mensen naar Betlehem gekomen. Jozef klopt aan bij een herberg. “Helaas, we zitten vol,” zegt een vriendelijke vrouw. “Je moet even verder zoeken.” Gelukkig staat er in dezelfde straat nog een herberg. Maar die is ook vol. En een volgende herberg is ook vol. En nu zijn ze inmiddels aangekomen aan de rand van het kleine stadje. Er is nog één herberg over, maar te horen aan de stemmen die weergalmen door de straat is daar ook niet veel plek meer. Misschien één plekje dan, voor Maria die zo moe is? Nee, zelfs niet één plekje. De herbergier kijkt vol medelijden naar Maria. Je ziet hem denken. “Weet je wat,” zegt hij dan plotseling. “Kruip maar in de stal. Daar staat een voerbak, daar is wat stro en er staan een ezeltje en een os, die ook nog wat warmte uitstralen. Dat is altijd nog beter dan buiten slapen.” Jozef en Maria slepen zichzelf naar de stal. Maria gaat meteen liggen. Jozef dekt haar toe met zijn mantel. Dan begint hij de stal een beetje op te ruimen. Want stel dat het kindje vannacht geboren wordt…

 

 Waar mag God wonen in onze wereld? Dat vragen mensen zich steeds opnieuw af. In de woestijn tijdens de lange tocht van Egypte naar het Beloofde Land woont God in een tent. Koning Salomo vervangt de tent door een prachtige tempel. En uiteindelijk wordt Gods zoon geboren in een stal.

 

Samen praten over een thuis voor het kindje


Staat de kerststal klaar om Jezus te ontvangen? Als je Jezus verwacht, wens je dat Hij zich thuis mag voelen ‘in het zijne’. God heeft immers alles geschapen, en Jezus komt dus in de wereld die al van Hem is.
Maar wij mogen hem ontvangen, een thuis voor hem bereiden. Hoe zou je dat kunnen doen?
Met spullen, met liefde, met een open hart?
Dit betekent ook: onszelf veranderen in een thuis voor Hem! 
Zijn jullie er klaar voor om Jezus te ontvangen? 

 

Klaar voor het Kerstkind

Maak de kerststal klaar met (als dat kan) een leeg kribje voor het Kerstkind. Of laat de plaats van de kribbe leeg.

Stel de kinderen voor samen een tekening of schilderij te maken van een kerstgroep met de kerstfiguren of juist met mensen van nu. Zo kun je laten zien dat jullie klaar zijn voor de komst van het Kerstkind.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Kerstvieringen in de pastorale zone Tienen

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Bijbelverhaal Kerstmis Welkom in de stal!

 

Jozef had het goed ingeschat toen hij de stal ging opruimen. Het kindje is dezelfde nacht nog geboren. Wat is het welkom bij Maria en Jozef. Ze wikkelen het kindje in doeken en leggen het voorzichtig neer in de kribbe. Ontroerd zegt Jozef: “Ja, Maria, we noemen ons kindje Jezus, God redt. Een mooiere naam kan je niet bedenken.” En hij legt zijn grote ruwe timmermanshand even zachtjes op het buikje van de kleine Jezus. Maria dommelt al snel in, maar lang heeft ze geen rust. Plotseling horen ze namelijk stemmen richting hun stalletje komen. Voorzichtig gaat de deur een stukje open en een rommelige baard piept om het hoekje. Boven de baard kijken een paar nieuwsgierige ogen. “Het is echt waar,” zucht de herder met de baard. “Er is een bijzonder kindje geboren.” En hij komt zachtjes dichterbij en valt op zijn knieën voor het kindje. “Welkom in ons midden," zegt hij eerbiedig. Een grote groep herders komt achter hem aan naar binnen en iedereen is diep onder de indruk. Ze blijven een poosje stil naar Jezus kijken en vertrekken dan weer naar hun schaapskudde. Ze begrijpen ook wel dat het kindje en zijn moeder rust nodig hebben.
Toch worden Maria en Jozef verrast met nog meer bezoek. Er komen kamelen richting de stal. En op de kamelen zitten mannen die niet uit Israël komen. Ze zien er anders uit, hebben kleren aan die je nooit ziet. Deftige kleren, dat wel. Zij vertellen een heel vreemd verhaal over een ster en een lange reis. Jozef is verbaasd. Hebben ze zoveel moeite gedaan voor hun kleine Jezus? Zijn ze zelfs in Jeruzalem langs geweest om aan Herodes te vragen of daar een koning is geboren? Dat klinkt als een hele eer, maar tegelijk wordt hij er wat onrustig van. Hoe zou Herodes dat opvatten? De vreemde bezoekers hebben mooie geschenken meegebracht voor de kleine Jezus die ze consequent hun Koning noemen. Ze geven wierook, mirre en zelfs goud aan het kleine jongetje. En dan gaan ook zij naar huis. Maar wel langs een andere weg, want ook zij hebben inmiddels hun twijfels bij de goede bedoelingen van koning Herodes. Als ook zij weg zijn, kijken Jozef en Maria elkaar aan. “Ons kindje werd verwacht in deze wereld,” zegt Maria verbaasd. “Hij lijkt echt welkom te zijn.” Jozef knikt, maar hij kijkt ook zorgelijk. “Hopelijk is Hij welkom bij alle mensen,” zegt hij met een zucht.

 

Kinderen zijn altijd erg welkom in Bijbelse verhalen. Denk aan Abraham die jaren uitkijkt naar de geboorte van zijn zoon Izaäk, denk aan Hanna die intens bidt om een kindje, en denk aan Jezus zelf die zijn leerlingen berispt als ze kinderen bij Hem weghouden. “Laat de kinderen tot mij komen” is zijn commentaar op hun gedrag. 

 

 

Maak een bedje voor de baby

Wanneer Jozef en Maria terug thuis zijn maakt Jozef een bedje voor kindje Jezus.

Ook jullie zijn op weg naar huis met een kindje: een mooie babypop.

Hoe heet jullie kindje? Wat heeft een kindje nodig om te kunnen groeien?

Kun je 5 dingen noemen?

Een kindje heeft ook een bedje nodig, een zacht, veilig plekje waar het kan slapen.

Jozef maakte er eentje in hout. Maak een ‘bedje’ voor jullie baby van materiaal dat je vindt of bij je hebt: een warme sjaal, takjes, steentjes, mos, bladeren, …

Zou zelfs een goede timmerman als Jozef het een goed bedje vinden? Leg het kindje er dan in, en maak er een foto van (die kan u sturen naar: 1stecommunie@olvtenpoel.be dan komt die in het parochieblad en op de website). Daarna gaan jullie weer verder, mét jullie kindje en de sjaal. De rest van het bedje mag je laten liggen… wie weet voor wie het nog kan dienen

 

Enkele voorbeelden

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Gebedje

God, Vader van Jezus,
Wij danken U voor de geboorte van uw Zoon.
Door zijn komst naar onze wereld weten wij
dat U veel van mensen houdt,
zoveel dat U bij ons wilt wonen
en ons leven wilt delen.
Die grote liefde is zo bijzonder
dat wij niet anders kunnen
dan feest vieren en dankbaar zijn.
Amen

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Jezus,
Uw komst naar onze wereld
wekt in mij het verlangen
om ook in mijn leven,
in mijn hart
een plaatsje in te ruimen voor U.
Help mij om van mijn hart een thuis te maken
waar U goed wonen kan.
Amen

 

 

 

 

 Vluchten naar Egypte

 

 De kleine Jezus had bij zijn geboorte bezoek gehad van wijzen uit het verre Oosten. Deze mannen hadden een ster aan de hemel gezien die heel bijzonder was. In hun boeken stond dat deze ster de geboorte van een koning aankondigde en daarom waren ze de ster gevolgd om die koning te ontmoeten.

Natuurlijk dachten ze dat de koning in een koninklijk paleis geboren moest worden. Daarom waren ze naar het paleis van koning Herodes gegaan om bij hem te informeren naar deze nieuw koning.

Koning Herodes leek hen goed te helpen. Maar in zijn achterhoofd smeedde hij een duister plan. Vriendelijk vroeg hij aan de wijzen of ze op de terugweg even wilden komen vertellen over de nieuwe koning.

Ze beloofden dat. De mannen keerden echter nooit meer naar hem terug omdat ze gewaarschuwd waren in een droom dat Herodes slechte plannen had.

Toen stuurde Herodes zijn soldaten naar Betlehem om alle kleine jongens onder de twee jaar te vermoorden.

Gelukkig was ook Jozef gewaarschuwd in een droom en kon hij, met Maria en het kindje Jezus op tijd vluchten naar Egypte. Pas toen Herodes dood was durfden ze weer terug te komen. Ze gingen in Nazareth wonen.

 

 

 

 

Voor wie op de vlucht is

 

Grote God,

Wij horen op het nieuws veel over mensen

die op de vlucht zijn

omdat het in hun eigen land gevaarlijk voor hen is.

Ze zoeken een nieuwe plek om te wonen.

Ooit moest Jezus ook op de vlucht

voor een koning die gevaarlijk was.

Hij begrijpt dus wat het is,

om weg te moeten uit je eigen huis

en bang te zijn.

Wij bidden dat dat de vluchtelingen helpt

om vertrouwen te houden

dat Jezus bij hen is.

Amen

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Bovenkant